Over ‘De Liefde’

Over ‘De Liefde’ is zoveel te schrijven, dat ik vermoed dat dit wereldwijd een van de meest beschreven, bezongen, bejubelde en ook verguisde onderwerpen is. Ook ‘De Liefde’ waar ik in mijn vorige blog op doelde, is een veel beschreven Liefde. En die gaat heel ver terug.

Ōmura-baai najaar 1992, Japan

In april van dit jaar zat ik aan de Ōmura-baai en vielen veel herinneringen in mijn hart op plekken die ik vergeten was. Die Ōmura-baai ligt trouwens in het zuiden van Japan, op Kyūshū, nabij Nagasaki. Aan die baai is het wonderlijke nagebouwde Nederlandse dorp Huis ten Bosch gebouwd. In dat dorp heb ik begin jaren negentig, samen met negentien andere studiegenoten Japanse taal en cultuur, een jaar gestudeerd en vooral: doorgebracht. Het was dáár dat ik Japanoloog werd, niet in Leiden. Het was dáár dat ik voelde wat thuis is en dat het niet alleen te maken heeft met je gezin, maar met bestemming in een meer bredere zin. Het was dáár dat ik leerde wie ik wel en niet was. Overigens leer ik dat nog steeds, maar in die jaren leerde ik dat een beetje meer. Over Huis ten Bosch als attractiepark, of hoe je het noemen wilt, is veel geschreven en te vinden, en toch is het in Nederland relatief onbekend. Dat is vreemd, want het is Nederland op zijn allermooist.

Stadhuis van Gouda, op de achtergrond de Utrechtse Dom, Huis ten Bosch’, april 2025

Dat het zo onbekend is, merkte ik toch weer aan de reacties van de lezers op mijn reisblog op Polarsteps en in de gesprekken die ik voerde naar aanleiding van deze reis. En eigenlijk is dat best verwonderlijk in een tijd waarin identiteit een zoektocht is. Niet alleen de menselijke identiteit, maar zeker ook de identiteit van naties -waar ligt de grens, zowel in praktische zin als qua verantwoordelijkheid?- en beslist ook voor Nederland. Nog geen week geleden was de stad hier rood gekleurd over de onvrede over het door onze regering gegeven antwoord op precies deze vraag.

Als oud-bewoner van dit Japans-Nederlandse dorpje (technisch gesproken woonden we ernaast maar goed) weet ik wel een beetje hoe het daar zo gekomen is. Het ligt niet toevallig op Kyūshū, niet toevallig nabij Nagasaki en ook niet toevallig in Japan. Want Japan houdt best wel veel van Nederland. En dat is heel erg interessant, want zo wandelend door de geschiedenis zijn er veel episodes die bepaald schokkend zijn aan verschillende kanten.

Het zal de leeftijd zijn, mijn levensfase waarin een stuk verleden is ontstaan op een moment en op een plek waar ik dat helemaal niet had verwacht, maar ik ben gegrepen door geschiedenis sinds 12 april dit jaar. Kijkend naar de Ōmura-baai, beseffend dat de replica van ‘De Liefde’ was vergaan door gebrek aan onderhoud, realiseerde ik me dat alle relaties onderhoud vragen. Ook die van Nederland met Huis ten Bosch, ook die van Nederland met onze wereldreizigers die al heel vaak de vragen van nu zijn tegengekomen.

Ōmura-baai met replica schip, augustus 1993, analoge foto, dus wat onscherp

Op 19 april, een week later dan ik daar zat dus, maar dan in 1600 kwam ‘De Liefde’ als eerste Nederlandse schip aan in Japan. Niet bij de Ōmura-baai, maar aan de andere kant van Kyūshū. Van de 110 bemanningsleden van ‘De Liefde’, waren er na een barre tocht van bijna twee jaar, nog ruim twintig over, waarvan er minder dan tien op hun benen konden staan. Op precies dit punt begint het beroemde verhaal Shōgun, van James Clavell, uit 1975. James Clavell nam de Engelse stuurman van ‘De Liefde’, William Adams, als hoofdpersoon van zijn roman en noemde hem John Blackthorne. Dat op zich is al heel interessant, vooral als je bedenkt dat James Clavell in de Tweede Wereldoorlog in Maleisië tegen de Japanners vocht en geïnterneerd raakte op Java. Maar dat is een later onderwerp. Wat nu eerst van belang is, is dat Shōgun begint met de aankomst van ‘De Liefde’ in Japan. Dat leek mij maar een deel van het verhaal. Tenslotte kun je pas iets echt doorgronden als je bij het begin begint. En wat is dan het begin?

In de volgende blogs over ‘De Liefde’ ga ik op zoek in de geschiedenis naar hoe het allemaal begon, welke ontberingen en ontdekkingen langs stuur- en bakboord kwamen en waarom ‘De Liefde’ in Japan is gebleven. Huis ten Bosch, vol Nederlandse nagebouwde monumenten zoals het stadhuis van Gouda, de Zaanse Schans en de Utrechtse Domtoren, tezamen met een daadwerkelijk Paleis Huis ten Bosch, vol sprekende wandschilderingen (zie onder), staat met een reden, daar waar het staat. Volgende keer vertrek ik per blog, het is dan 27 juni 1598.

Wandschilderingen in de Oranjezaal van Paleis Huis ten Bosch, Japan gemaakt door Rob Scholte: ‘Après nous le déluge’

Ontdek meer van Pamela Guldie

Abonneer je om de nieuwste berichten naar je e-mail te laten verzenden.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Scroll Up